Geboorteverhaal

Ik wist het op voorhand en ik heb het een plaats moeten geven. Ons geboorteverhaal. Al jaren was ik ervan overtuigd “later” thuis te bevallen. Na de laatste echo probeerde ik er al wat rekening mee te houden dat dit niet zou kunnen lukken, ons kleintje lag in stuitligging en had de navelstreng rond het halsje.

Elf dagen voor hij op deze wereld zou komen maakte ons kleintje al duidelijk dat ik deze droom opzij zou moeten schuiven en dat de bevalling in het ziekenhuis zou plaatsvinden. Elke dag was het afwachten, weeën die de kop op staken om dan weer af te nemen en ons afvragen of we vandaag mama en papa zouden worden.

Op dinsdagvoormiddag, zes januari, drie koningen, kwam de gynaecoloog melden dat ze de keizersnede die avond plannen. Manlief was net even naar de supermarkt om ons nog wat te voorzien van lekkernijen. Ik popelde om hem te kunnen vertellen dat hij vandaag papa zou worden. Toen hij terug was vroeg ik hem even bij mij te komen en kon ik hem het vertellen.

Het feit dat het een geplande keizersnede zou worden, viel ons best dubbel. De afgelopen dagen hadden we best wel als emotioneel zwaar ervaren en dus waren we ergens wel blij dat er daar eindelijk een einde aan kwam. Tegelijkertijd maakten we ons ook zorgen over wat komen zou, of het niet té vroeg zou zijn voor de baby. Maar goed, we begrepen de argumenten van het team van gynaecologen en kinderartsen.

Omstreeks 15h30 lag ik samen met mijn partner in het ziekenhuis bed de laatste uren onder ons tweetjes af te tellen. En… Het was alsof onze kleine baby de bedenkingen van mama en papa gehoord had. Ik stuurde de papa in spé het bed uit omdat ik voelde dat ik behoorlijk wat vruchtwater verloor. Op zich niets abnormaals, want ik verloor elke dag wel een beetje vruchtwater. Maar nu was het anders: ik bleef vruchtwater verliezen en het nam steeds toe in hoeveelheid. We riepen een vroedvrouw die ons perfect bijstond en vrijwel onmiddellijk door had dat de bevalling niet meer tot de avond zou kunnen worden uitgesteld. Een klein kwartiertje later voelde ik de eerste wee en vervolgens werd ik opnieuw aan de monitor gehangen om het kleintje te kunnen opvolgen. Ze riep de assistent van de gynaecoloog erbij en bij onderzoek bleek ik vijf centimeter ontsluiting te hebben. Plots stonden er drie vroedvrouwen aan mijn bed en de assistente van de gynaecoloog om mij klaar te maken. Ik werd met haast door de gangen van het ziekenhuis naar het operatiekwartier gereden terwijl ik wee na wee probeerde op te vangen.`

De verplaatsing van het ziekenhuisbed naar de operatietafel: verschrikkelijk! Gelukkig vond ik vrij snel een comfortabele houding, rechtzittend op de operatietafel, in kleermakerszit, mijn benen rustend op mijn ziekenhuis bed. Tot ze dat bed plots wegreden, zomaar, in het midden van een wee en zonder dit even op voorhand te melden! In ruil voor mijn bed kreeg ik een trapje waar ik mijn benen op kon zetten, uiteraard veel minder comfortabel!

En dan: waar ik in eerste instantie wat tegenop zag, heb ik er uiteindelijk amper iets van gemerkt: de ruggenprik. De weeën ervaarde ik zo heftig, pijnlijk dat ik eerder daarmee bezig was dan met de anesthesist die me steeds vertelde wat hij ging doen en voor ik het goed en wel door had werden mijn benen zwaar.

Daarna een eigenaardig gevoel, geen pijn maar je voelt het getrek van de artsen en een beetje akelig: ik kon de operatie zien in de lampen boven de tafel. Gelukkig heb ik de nodige zelfkennis en draaide ik mijn hoofd weg zodat ik het niet hoefde te volgen.

En dan.

Vijf weken vroeger als gepland.

Plots.

Om 17u51.

Ik hoorde ons kleintje huilen, schreeuwen.

Wat was ik opgelucht.

De operatie ging gewoon door, maar ik had er helemaal geen besef meer van. Ik kon alleen maar zo ver als mogelijk zijwaarts achter mij kijken. Want daar waren de vroedvrouw en kinderarts druk bezig met ons zoontje.

Ons zoontje.

Wat vond ik het geweldig als de vroedvrouw er mee bij mij kwam en zei dat hij een ontzettend goede start heeft gemaakt. Ze hadden bewust een arm vrij gehouden waardoor ik ook ons lief kleintje al een eerste keer kon voelen. Daarna heb ik nog twee uur moeten wachten vooraleer ik samen met mijn partner ons kindje kon zien, vastnemen. Na de geboorte duurde de operatie nog een drietal kwartier, moest ik nog een halfuur op de recovery en werd ik nog door twee vroedvrouwen gewassen. Dit laatste om alle producten die tijdens de operatie werden gebruikt van me af te wassen, in het belang van het kindje. Of deden de vroedvrouwen van de avonddienst dit nog liever omdat de nachtdienst het met minder personeel moest doen?

Maar dan, om 20u30, werd ik in mijn bed naar de neonatologie gereden en mocht ik er onze baby – huid op huid – voelen, ruiken, horen. En ook hier, afgelopen dagen had ik schrik het moeilijk te zullen hebben om ons kleintje aan allerlei machines en draadjes te zien hangen. En… hoewel ze aanwezig waren zag ik geen infuus aan ons kleintje, had ik geen aandacht voor alle elektrodes op zijn buikje en handje.

Finn op de neonatologie

Ondanks mijn droom dat ik heel graag thuis had bevallen,  besef ik in het belang van ons zoontje wel in het ziekenhuis moest bevallen. Toch kijk ik best positief terug naar mijn verblijf op de materniteit. De vroedvrouwen van het Sint-Elisabeth te Ukkel ziekenhuis hebben me aangenaam verrast en hebben de zorg prima op zich genomen. Enkelen onder hen namen de tijd om naar ons te luisteren wanneer we – tijdens de elf wachtdagen – er eventjes door zaten of wanneer we vragen hadden.

Deze droom heb ik moeten opbergen, maar er is een andere fantastische droom in vervulling gegaan.

Advertenties